Terug naar overzicht

 

Hoofdstuk 2
CanMEDS rol 1

 
01


Vakinhoudelijk handelen/            de verpleegkundige als zorgverlener

 

Competenties:  

 

1. De kinderverpleegkundige stelt op basis van een inventarisatiemethode (bijv. kinderverpleegkundig redeneren) de behoefte aan verpleegkundige zorg vast op basis van de vier kinderleefdomeinen: medisch, sociaal, ontwikkeling en veilgheid.  De kinderverpleegkundige inventariseert en verleent zorg in complexe situaties volgens het verpleegkundig proces dat is verweven in een methodiek (bijv. de 11 stappen van het kinderverpleegkundig redeneren), op basis van evidence based practise.

2. De kinderverpleegkundige versterkt het zelfmanagement en de zelfregie van het kind en het gezin. Daarbij richt de kinderverpleegkundige zich op de gezamenlijke besluitvorming met het kind en het gezin, naasten en de andere betrokken professionals. Daarbij dient rekening gehouden te worden met de etnische, culturele en -levensbeschouwelijke achtergronden.

3. De kinderverpleegkundige inventariseert en voert verpleegtechnische (voorbehouden) handelingen uit op basis van zelfstandige bevoegdheid en bekwaamheid zoals beschreven in de Wet BIG.

 
 
 
 
kind met tablet